De Woorden: Kwark

De Woorden: Kwark

Enige tijd geleden vroeg ik lezers mij woorden te geven voor een intuïtieve schrijfopdracht. Ik kreeg heel veel woorden waarbij ik direct een gevoel had. Het woord ‘kwark’ daar ontbreekt, ook na wekenlang denken nog steeds elk gevoel bij.

Wat schrijf je in godsnaam over ‘kwark’. Dat ik het wel at, maar niet zo lekker vond? Dat het in de Filipijnen niet te koop is? Misschien alleen in supermarkten als Rustan’s, waar je de hoofdprijs betaald voor een bakje kunstmatig verzuurde melk?

Rustan’s is een supermarktketen die je alleen in Cebu en Metro Manila vindt. Ze zijn heel exclusief en verkopen producten van over de hele wereld. Je vindt er bijvoorbeeld echte Hollandse kazen. De winkel is een lust voor het oog, vooral als je lange tijd weg bent uit Nederland met zijn goedgevulde winkels met 1001 producten.
Alleen al de vleeswarenafdeling van Rustan’s kan ik genieten van het aanbod, tot ik op de prijskaartjes kijk en denk: laat maar, zoveel is een plakje salami mij niet waard.
Die verkopen wel kwark, nooit gezien, maar ik weet het gewoon zeker.

Maar waarom zou ik kwark kopen? Ik vind het helemaal niet zo erg lekker. Ik ben meer een Griekse Yoghurt typetje.

Geen gevoel dus bij dat woord. Dit blog liet dan ook weken op zich wachten. Maar op een gegeven moment moet het toch uit de map concepten en weggewerkt worden. Het zakte wel erg ver naar de bodem. Het stond bijna onderaan, helemaal onderaan stond het blog met de titel: de winterjas kan weer uit de kast. Helemaal geschreven maar ik kan er gene leuke afbeeldingen bij vinden. Ik wil een plaatje van een meisje op de brommer ingeklemd tussen haar ouders die dik ingepakt zitten, zij draagt een grote roze berenmuts, met van die lange flappen die je onder je kin kunt dichtknopen, en daaronder bijna niks. Net als de ouders trouwens, echte ukay ukay original ski-jacks aan en flip flops aan hun voeten.
Dat plaatje, dat wilde ik er bij laten zien.
Want de Filipijnen hebben het zo koud in de regentijd. Als de temperatuur zakt van 35-39ºC naar 25ºC.

Als je hoofd maar warm is, dan blijf je gezond

De Filipijn groeit op met het geloof dat als je hoofd warm is, je niet ziek wordt. Je ziet hier soms baby hersentjes vloeibaar uit oortjes lopen omdat ze wegkoken onder een wollen mutsje. In een dekentje gewikkeld liggen die kinderen dan te zweten als een Zweed in zijn sauna.

Drie druppels water uit de lucht en alle sjaaltjes en T-shirts worden over het hoofd getrokken, capuchons op, want oh.oh.oh je hoofd zal afkoelen.

En toch is de gemiddelde Filipino geen heethoofd. Het gemak waarmee deze mensen door het leven sloffen van videoke machine naar videoke machine en van drama-moment naar drama-moment is bijna verslavend om naar te kijken. Ik heb het al lang opgegeven om het te begrijpen. Maar allemachtig wat zou ik graag weer eens met iemand praten die een beetje diepgang heeft. Die een politieke mening heeft die verder gaat dan Lang leve de president en wat doet hij het goed.

Of praten over de zin van het leven, onder de sterrennacht, of bij een kop koffie. Of gewoon slap ouwehoeren met zo’n kleurrijk drankje er naast met een parapluutje met iemand die mijn humor snapt.

Ik denk dat dat ook wel het grootste struikelblok in mijn relatie was: Gebrek aan diepgang, aan intimiteit.

Aan seks geen gebrek in dit land, maar intimiteit dat is een woord wat niet begrepen wordt

Ik vraag me af hoe al die buitenlanders het doen, al die mannen met zo’n huppelkutje aan hun arm, die dan stralend gelukkig rondlopen. Misschien is dat wel alles wat een man nodig heeft: een mooi meiske aan zijn arm wat gewillig is in bed? En verder hoeft het geen diepgang te hebben?

Mysterie ontrafeld, of zoiets? De man eindelijk in al zijn puurheid, zijn authentiekheid? Dat is de ware aard van de man?

En die paar goede Filipina’s zijn ingepikt door mannen die wel wat extra’s willen en de rest van de mannen die dat ook zoeken dolen onbevredigd en zuur door dit land?

Ik was in Dumaguete deze week en daar zie ik meer en meer stokoude bijna gehandicapte Westerse mannen met een mannelijke verzorger, een piepjong kereltje wat dan het looprek helpt vooruit duwen. Die zit dan tegenover die oude witte baas op zijn spiksplinternieuwe mobiel te staren en veegt af en toe wat etensresten van de kin af.
Verzorgingstehuis 2.0 denk ik dan.

De nieuwe stijl bejaardencentra geheel op maat, volledig verzorgde dag en nachtopvang

En toch als ik dat zie denk ik: hoe moet dat dan met mij als ik straks stokoud ben en een looprek nodig heb? Of donder ik op een dag van mijn motor en dan einde verhaal?

Diep in mijn hart weet ik dat ik kwark op mijn hoofd heb, geen boter, want dat smelt hier zo snel!

Leuk artikel? Deel het!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *