Hotelkamer zonder ramen

Hotelkamer zonder ramen

Het is een raar iets, ik zit hier in een soort cocon achtige kamer. Prachtig behang, geruisloze airco, regendouche……maar geen raam. Dat kan in de Filipijnen. In Nederland is zoiets ondenkbaar. Dus als ik mijn kamer uitstap, pak em beet, rond 10 uur om de stad in te gaan, sta ik opeens in de blèrende zonlicht terwijl het in mijn hoofd nog donker is. Geen uitzicht, geen stadsgeluiden (ook dat niet) en geen idee wat voor weer het buiten is.
Wel goed internet. En dat maakt het wel weer dragelijk dan. Zonder afleiding lekker doorwerken.

Ik ben in Dumaguete. Als ik dit blog schrijf heb ik de tweede visum verlenging in the pocket. Het was weer Filipijnen to the max zeg maar, maar het is gelukt. En ik had de meest depressieve ervaring ooit hier in de plaatselijke dierentuin/botanische tuin. Troosteloze hokken en dieren met een neurose waar je ‘U’ tegen zegt. Ik heb me suf getwittert naar de beschaving van het WNF en RotterdamZoo en Avifauna, en zelfs naar Stichting Aap en de Rotary, maar geen sjoege. Ook in Nederland wordt de subsidiekraan natuurlijk steeds strakker dichtgedraaid, dus bijspringen in dit soort situaties zal er niet inzitten. Ik werd er depressief van en ben weggegaan, tranen stonden hoog en de frustratie ook.

Het was een uitje voor mijn verjaardag, de beeldvorming in mijn hoofd was nog veel te westers om het tot een succes te maken. En daar stond ik dan, vers 55 te zijn in die pleurisbende tussen de zielige aapjes.
Mijn dag begon met het dichtslaan van deuren door de overige hotelgasten gevolgd door het eindeloze gehamer van de verbouwingsmannen op de tweede verdieping. Daarna een appje met verjaardagswensen. En ik las een artikel over digitale nomaden die hun rugtas in de wilgen hangen, sommigen al na 14 maanden anderen na 5 jaar. Omdat ze het zat zijn altijd alleen aan te komen en alleen te vertrekken, omdat ze familie missen of omdat ze meer kansen hebben ‘lekker veel geld te verdienen’ als ze thuis meer aandacht aan hun bedrijf schenken. Eén van hen schreef: uiteindelijk zat ik meer in mijn hotelkamer gebogen over de laptop dan dat ik aan het reizen was. En ik herinner me een artikel wat ik schreef voor mijn website Leaving Holland: 5 good reasons why NOT to become a digital nomad. En hoe ik afgebrand werd door de community over dat artikel. Want o,o,o, het leven als digitale nomade is toch zo mooi. En nu lees ik dat er velen zijn die stoppen om redenen die ik daar opsom.

En zelfs nu, denk ik dat er mensen jaloers zijn op wat ik doe, terwijl dat wat ik doe genegeerd word, ik hang ook grote delen van mijn tijd alleen in mijn hotelkamer achter de laptop. Want ik zoek sponsors, opdrachtgevers en ik schrijf artikelen in de hoop dat iemand denkt: Goh! Laat ik haar eens wat werk bezorgen.
Het leven van strand zwabberen en zon aanbidden met je bezittingen op je rug heeft wel degelijk een B-kant.
Al is het maar hotelkamers zonder ramen.
Platteland Filippijnen

Ik zit in de stad van de herrie: Dumaguete, het stikt hier van de muggen, herrie en expats.

De stad hier zit vol met het soort mannen wat ik in gedachte Harries noem. Van die typische midlife crisis overlevers die een jong ding aan hun arm hebben bungelen en bejaarden die amper nog kunnen lopen met een jongedame die hun dochter had kunnen zijn. Ik overweg serieus om een categorie: ‘De Harries’ te starten ‘ over badgasten en andere idioten’. Want de verhalen die ik soms ongewild hoor als ik ergens zit zijn werkelijk om te brullen. Het gros is Amerikaans, Dumaguete stikt er van. Maar er zitten ook Nederlanders en Duitsers en weet ik veel wat voor nationaliteiten nog meer. Het is bijna lastig om een Filipino te vinden hier. Gisteren dacht de dramaqueen in mij: er zijn meer westerlingen hier dan kakkerlakken.

Ze klieken bij elkaar in de Mall, ze hangen gezellig keuvelend ’s ochtends om 10 uur met bier op een terras aan de boulevard en klauteren kreunend van de jicht uit de tricycles. Gesprekken worden gevoerd op het randje van hun beginnende dementie. Gisteren was ik getuige van 2 van de vele mis-communicaties die hier volgens mij erg vaak voorkomen: hij legt haar iets uit over geld, 500 pesos hier afgezet en 1000 pesos daar betaald, die f*cking Filipinos (zijn vriendin is Filipina hé….) de jongedame in kwestie kijkt verward: I do not understand…stamelt ze terwijl ze de arm van haar rimpelige goudmijntje streelt. En hij bitst: het is maar een voorbeeld, wat ben je vreselijk dom! (you’re so f*cking stupid – letterlijke zin)
Hopla…..je zou zo’n kwast zo een knal voor zijn arrogante kop geven, niet dan?

Het ander gevalletje was andersom: Duitser, in de 70 met een Filipina van plus minus 50 (leeftijd is een lastig begrip hier, want de gemiddelde Filipijnse inwoner ziet er jong uit) Zij vertelt iets over een stel, high up in the mountain, you know?? Hij graait rond in zijn alzheimer hersenen en kijkt zo leeg naar haar dat ze geïrriteerd raakt: You know….dinges en dinges van je weet wel. Hij reageert in super slecht Engels: Ai djo not know whodz you meen, terwijl zij een afkeurend geluid maakt: you never listen when I tell you something. Boos zitten ze tegenover elkaar.

Negros Occidental

Ik val van de ene verbazing in de andere, vaak met verplaatste schaamte voor het menselijk ras

Mijn verjaardag kwam en ging in dit vreemde land. Nu ben ik 55.
Wat is leeftijd? Als ik om mij heen kijk hoop ik dat ik nooit zo verbitterd en kortzichtig wordt als de ‘Harries’. Toen we met de bus hier naar toe reden stond er opeens een Amerikaan in het gezicht van Kind 1 te schreeuwen alsof Kind 1 een complete retard is: Where…..are…..you…..from?……elk woord werd beklemtoont en heel nadrukkelijk uitgesproken. Beschaving kent hier, ook onder de toeristen en expats een heel andere dimensie die ik nog niet eerder heb meegemaakt of heb gezien.

Dumaguete is niet mijn plek, het is net Little America. Leuk voor als je vast wilt houden aan je eigen gewoontes en cultuur en je wilt afzonderen van de Filipinos, maar ik wil het land leren kennen in al zijn kleuren en geuren en de mensen ontmoeten. En niet ‘lekker gezellig’ bij elkaar hangen te roddelen en te vergelijken met “Back home in the States”.
Niets mis mee, als dat je levensdoel is. Het mijne ligt op een ander vlak.

Het valt me op dat hoe meer we richting Cebu trekken hoe duurder alles wordt. Vooral hotels. Maar ook eten. Hoewel het eten bijvoorbeeld nog steeds spotgoedkoop is als je het vergelijkt met Nederland, is het wel duurder dan bijvoorbeeld in Puerto Galera of Iloilo. De prijs van een standaard pizza ligt gemiddeld 100 pesos (2 euro) hoger, om maar iets te noemen.
Er is kritisch gekeken naar het gestelde budget, of dat wel realistisch is. En hoewel we ons redelijk aan het budget houden tot nog toe, moeten we het misschien bijstellen naar boven, En dat is nooit leuk natuurlijk.

Over drie dagen reis ik verder, dan ga ik naar Cebu City. ja, dat klopt ik sla een hele bende mooie locaties over. Dat is een keuze. het is hoogseizoen, het krioelt hier ook van de vakantie vierende Chinezen en dat drijft de prijzen enorm op. Sommige hotels rekenen het dubbele. Dus over een maand of 2 is het allemaal stukken goedkoper en dan zwerf ik wel weer richting plekken als Siquijor en Boracay en noem maar op. Als het weer betaalbaar is.

Leuk artikel? Deel het!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *